De familie van
Ertborn zou naar een verklaring in 1705 van de wapenheraut Jean-Baptiste de
Grez, afkomstig zijn van het graafschap Nassau in Duitsland en zijn
belangrijkste vestigingsplaatsen in Antwerpen en Mechelen gehad hebben. In
Mechelen vindt men hun naam terug vanaf 1400 in de schepenregisters[1]
Hun wapenschild omvat o.a. drie kreeften.
Francois Emmanuel
Van Ertborn werd geboren te Mechelen en gedoopt in de Sint-Romboutskathedraal
op 14 oktober 1716 en overleed te Antwerpen op 8 oktober 1791. Hij behaalde het
licentiaatsdiploma in de Rechten te Leuven op 20 december 1736. Hij werd tot
via de erfelijke weg tot ridder
benoemd door patentbrieven uitgeschreven in Wenen op 1 augustus 1767. Op 25
september 1779 werd hij, eveneens vanuit Wenen, benoemd tot baron.
In deze laatste
brief, opgesteld in de Franse taal, wordt hij chevalier et négotiant de la
ville d’Anvers genoemd. Verder wordt er aangestipt dat hij goede diensten
had bewezen gedurende vele jaren in verschillende onderhandelingen die plaats
hadden in onze Belgische provincieën in verband met de Oostenrijkse
economie.
Hij huwde op 6
september 1738 te Antwerpen Anna-Isabella-Catharina Hoomis, geboren te
Antwerpen in 1708, overleden in dezelfde stad in 1751. Zij was voordien reeds
zelf weduwe geweest. Een tweede maal huwde F.E. van Ertborn op 6 januari 1753
Maria-Carolina-Theresa Melyn, geboren te Antwerpen in 1713. Deze vrouw overleed
op 19 oktober 1794 te Delden in Overijssel. Zij was de dochter van ridder
Jan-Michel Melyn en van Isabella-Clara Van Havre.
Hij had uit zijn
eerste huwelijk:
Uit zijn tweede huwelijk:
Een groot deel van de Ertborns had iets met de
materie Rechten. F.E.’s grootvader Jan Van Ertborn maakte deel
uit van een gezin van tien kinderen. Hij werd geboren te Mechelen op 2 maart
1628, was advocaat in de Grote Raad van Mechelen. Hij huwde een eerste maal
Anna Paas alias ’t Hooft en een tweede maal, op 12 maart 1669 met Esther Becx,
geboren in ’s Hertogenbosch. Hij was vader van in totaal zes kinderen en kwam
zelf uit een gezin met tien stuks.
Zijn oom Alfons-Dominiek van Ertborn,
geboren te Mechelen op 17 november 1664, was pastoor van Bousseghem en werd in
1703 tot deken van de Antwerpse O.L.V.-kathedraal benoemd. In 1709 werd hij gegradueerde
kannunik van dezelfde kerk.
Een andere oom Adolf-Pieter-Yves, geboren
te Mechelen op 22 mei 1670, was heer van Neustadt. Hij was eveneens licentiaat
in de Rechten en was schepen van Antwerpen van 1707 tot 1713. Hij was ook eerst
secretaris en daarna griffier van de Mechelse Grote Raad. Hij overleed te
Mechelen in 1737. Hij werd door de wapenheraut beladen met twee adelijke
titels. Hij huwde te Antwerpen in 1705 een eerste maal met Joanna Madeleine
Fredericx, geboren te Antwerpen, en een tweede maal te Brussel in 1729 met
Thérèse-Constance-Nicole Delvaux y Fryas, geboren te Brussel, dochter van
Gaspard-Nicolaes, lid van de Oorlogsraad en Thresorier-Generaal van het leger.
Zijn vader Francois Joseph Van Ertborn was
eveneens licentiaat in de Rechten, met dit verschil dat zijn diploma uitgereikt
werd te Rome, op 14 juni 1686. Hij overleed te Mechelen op 23 februari 1733.
Hij huwde te Antwerpen op 11 april 1707 met Isabelle Mols, geboren te Antwerpen
en dochter van een Antwerps schepen.
Zij hadden uit hun huwelijk:
[1] Annuaire de la noblesse de Belgique publié par
le baronIisidore de Stein d’Altenstein, 1874, p. 109-110, Bruxelles, 1874
[2] FL. PRIMS, De geschiedenis van
Antwerpen, deel 7, p. 367, Antwerpen, 1984.
[3] J.R. BUYCK. “An Enlightened Art Collector: Ridder Florent van Ertborn”. In: Appollo, CV, nr. 181, 1977